Algemene informatie

Algemene informatie

De Omgevingswet (voorheen de Wet natuurbescherming) beschermt houtopstanden buiten de bebouwde kom. De OD NHN houdt namens de provincie Noord-Holland toezicht op de naleving van de regels rond het kappen en herbeplanten van houtopstanden. 

De Omgevingswet omschrijft een houtopstand als: "groepen bomen, boomvormers, struiken, hakhout of griend". Niet iedere houtopstand is beschermd. Dit is alleen het geval wanneer de houtopstand voldoet aan een aantal voorwaarden. Die voorwaarden hebben onder andere te maken met de oppervlakte en de plaats van een houtopstand. Een houtopstand moet minimaal 1000 m2 zijn of bestaan uit een rijbeplanting van meer dan 20 bomen. Ook moet de houtopstand buiten de bebouwingscontour houtkap liggen. 

Met de bebouwingscontour houtkap (voorheen Bebouwde kom Wet natuurbescherming) geeft de gemeente aan waar de grens ligt tussen stedelijk gebied en buitengebied. Op deze website van de provincie Noord-Holland vindt u de vastgestelde bebouwingscontouren op de kaarten. Binnen de bebouwingscontour houtkap (op de kaart paars aangegeven) is de gemeente bevoegd gezag en buiten de paarse contour is de provincie Noord-Holland bevoegd gezag. Er zijn ook gevallen dat het Rijk bevoegd gezag is.

Bij houtopstanden in erven en tuinen, fruitbomen voor teelt en windschermen om boomgaarden is het onderdeel houtopstanden niet van toepassing is. Meer informatie hierover staat onder het kopje “Uitzonderingen meldingsplicht”.

Melden velling houtopstanden

Wilt u een houtopstand, of een deel daarvan, kappen?  Dan is het verboden de kapwerkzaamheden uit te voeren zonder eerst een melding in te dienen. Ook voor het kappen van een oppervlakte van minder dan 10 are is een melding verplicht. 

U moet een kapping minstens 4 weken, en niet eerder dan 1 jaar, vóór het vellen melden via het Omgevingsloket. Als activiteit moet worden gekozen voor ‘kappen van houtopstanden (buiten de bebouwde kom)’.

De melding moet minstens onderstaande gegevens bevatten:

  • Aanduiding van de activiteit;
  • Welke boomsoorten het betreft;
  • Grootte van het perceel en/of hoeveel bomen er gekapt worden;
  • Naam en adres van degene die de activiteit verricht;
  • Eigenaar van de grond;
  • Adres, kadastrale aanduiding of coördinaten van de locatie waar de activiteit plaatsvindt;
  • Handtekening en dagtekening.

De Omgevingsdienst Noord-Holland Noord (OD NHN) beoordeelt de melding binnen vier weken. De voorgenomen velling kan na een dergelijke melding worden verboden, of er kunnen specifieke eisen worden gesteld aan de wettelijk geldende herbeplantingsplicht. 

U mag pas kappen als de termijn van vier weken is verstreken én er geen kapverbod is opgelegd. 

Bij het vellen van houtopstanden en herbeplanten kunnen andere activiteiten betrokken zijn. Denk hierbij aan, een bouwactiviteit, flora- en fauna-activiteit of Natura 2000-activiteit. Hier kan ook= een vergunning voor nodig zijn. Een flora- en fauna-activiteit geldt bijvoorbeeld voor vleermuissoorten en vogels, die mogelijk (jaarrond beschermde) nesten of verblijfplaatsen in de te kappen bomen hebben.  Bij een Natura 2000-activiteit gaat het bijvoorbeeld om beschermde bossen in Natura 2000-gebied. 

Uitzonderingen meldingsplicht

De meldingsplicht voor het vellen en de herbeplantingsplicht geldt niet in een van de volgende gevallen:

  • Het periodiek vellen van griend- of hakhout;
  • Het vellen is voor het uitvoeren van een instandhoudingsmaatregel of passende maatregel;
  • Het vellen is voor het uitvoeren van maatwerk dat preventieve of herstelmaatregelen voorschrijft die nodig zijn om de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied te bereiken;
  • Het vellen is voor het uitvoeren van een maatwerkvoorschrift dat verbonden is aan een omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit of flora- en fauna-activiteit;
  • Het vellen is voor het uitvoeren van regels over vergunningvrije Natura 2000-activiteiten of flora- en fauna-activiteiten in de Omgevingsregeling of omgevingsverordening;
  • Het vellen is voor de aanleg en het onderhoud van brandgangen op natuurterreinen;
  • Het vellen van bomen voor verjongingsgaten als deze niet groter zijn dan driemaal de boomhoogte, waarbij de verjongingsgaten een maximum oppervlak hebben van 0,25 hectare en gezamenlijk niet meer oppervlakte beslaan dan 10% van het bosperceel en het kappen maximaal één keer per vier jaar plaats vindt;
  • Het vrijstellen van oevers van natuurlijke, bestaande vennen over een breedte van 30 meter gerekend vanaf bestaande gemiddelde voorjaarswaterlijn;
  • Het door natuurlijke ontwikkelingen tenietgaan van houtopstanden bij vernatting door natuurlijke processen of vernatting als onderdeel van anti-verdrogingsmaatregelen;

 

Herplantingsplicht

Binnen drie jaar na de kap van de houtopstand moet de grond herbeplant zijn. Dit moet op dezelfde grond zijn als waar is gekapt. De herbeplanting moet op een verantwoorde manier plaatsvinden. 

De herbeplanting wordt het liefste uitgevoerd doornatuurlijke verjonging. In de Omgevingsverordening NH2022 staat wanneer sprake is van een verantwoorde wijze van herbeplanting. Binnen drie jaar na de herbeplanting wordt de beplanting die niet is aangeslagen vervangen. De eisen zijn:

  • De oppervlakte van de herbeplanting is minstens even groot als de gevelde oppervlakte; 
  • De nieuwe bomen die u plant, moeten qua aantal en kwaliteit passen bij de bomen die zijn weggehaald; 
  • De te herbeplanten houtopstand kan, gelet op lokale ecologische omstandigheden, uitgroeien tot een volwaardige en duurzame houtopstand;
  • Er wordt geen gebruik gemaakt van sierheesters, tuinsoorten, invasieve exotische soorten of andere soorten die naar het oordeel van Gedeputeerde Staten een gevaar vormen voor de natuurlijke biodiversiteit ter plaatse. 
Herbeplanting op andere grond

In uitzonderlijke gevallen kunt u met een maatwerkvoorschrift toestemming vragen om de houtopstand op een andere locatie te herbeplanten.

Hiervoor zijn de minimale eisen:

  • De andere grond moet onbeplant zijn en is vrij van een herbeplantingsplicht (zoals staat artikel 11.129 van het Besluit activiteiten leefomgeving);
  • De andere grond vrij is van (natuur)compensatieverplichtingen;
  • Er mogen geen beschermde natuurwaarden en bijzondere landschappelijke waarden worden beschadigd door de herbeplanting 

Voor herbeplanting op andere gronden is toestemming nodig van de OD NHN. Het is verstandig om voorafgaand aan de kap met ons te overleggen. 

U kunt een aanvraag indienen met het verzoek om maatwerk via het Omgevingsloket. Als activiteit moet worden gekozen voor 'kappen van houtopstanden (buiten de bebouwde kom) - maatwerkvoorschrift'. Aan het verzoeken om maatwerk zijn legeskosten verbonden. Het aanvragen van maatwerk en het indienen van een kapmelding moet u apart van elkaar doen. 

Dunning

Dunning is een selectieve kap om de te behouden bomen meer ruimte te geven. Dunning valt onder bestendig bosbeheer. Voor dunning is geen melding nodig.  
 
Ook het creëren van verjongingsgaten valt onder bestendig bosbeheer. Hiervoor is ook geen melding nodig. Verjongingsgaten zijn niet hoger dan driemaal de boomhoogte, hebben een maximale oppervlakte van 0,25 hectare en hebben gezamenlijk niet meer oppervlakte dan 10% van het bosperceel. Het kappen mag maximaal één keer per vier jaar plaatsvinden.  

Gedragscodes
Als uw voorgenomen project wordt uitgevoerd van een door de minister goedgekeurde gedragscode, hoeft u geen melding te doen. Wel moet u ons op basis van sommige gedragscodes informeren.
 
Meer informatie over de status, rol en mogelijkheden van gedragscodes vindt u hier.